Blueprints van het verkeer in Brussel bieden waardevolle inzichten in tijden van Covid-19

Door de huidige coronacrisis zijn de leef- en werkomstandigheden voor iedereen behoorlijk lastig, maar voor de datawetenschap hebben de lockdown-beperkingen een aantal zeer interessante reële problemen aan het licht gebracht die het bestuderen meer dan waard zijn. Het Sirris EluciDATA Lab heeft deze kans aangegrepen en er enkele kenmerkende blueprints van het verkeer in Brussel uit kunnen afleiden.

In het licht van een industrieel doctoraatsproject in samenwerking met Macq en de VUB, is het EluciDATA Lab van Sirris begin 2020 gestart met het verzamelen van openbare gegevens over het verkeer in Brussel, die worden vastgelegd door Brussel Mobiliteit op 55 locaties in de hoofdstad. Het doctoraatsproject, gesponsord door Innoviris, strekt in de eerste plaats tot doel een geavanceerde trendanalysemotor te ontwikkelen die het inzicht in verkeerssituaties op een nauwkeurige en situatiebewuste manier mogelijk maakt.

In januari hadden we niet het minste vermoeden dat de escalatie van de corona-epidemie een unieke reële dataset voor ons onderzoek zou opleveren. Hierna, enkele van onze bevindingen tot nog toe.

Ongelijke impact van de lockdown op het verkeersvolume

Zoals verwacht is het verkeersvolume in Brussel tijdens de lockdown-periode drastisch afgenomen. Op sommige belangrijke verkeersaders (zoals de Keizer Karellaan, de Willebroekkaai en de Troontunnel) bleef het verkeer voor ruim 50% gelijk, terwijl op andere locaties (zoals de Lorrainedreef, de Vleurgattunnel en de Stefaniatunnel, uitrit richting centrum) een forse vermindering van het verkeersvolume werd genoteerd, tot 80%, in vergelijking met de periode vóór de lockdown.

Gemiddeld bleef 40% van het verkeersvolume tijdens de lockdown behouden. De Brusselse Kleine Ring (R20) behoudt meer volume in vergelijking met de woonwijken eromheen. Dit zou er kunnen op wijzen dat het functionele verkeer in de stad Brussel minder sterk afneemt dan het recreatieve verkeer.

De karakterisering van het wekelijke verkeer bevestigt de opvolging van de lockdown-maatregelen

Bij de analyse van de gegevens per uur en per dag, hebben we voor elk van de gemonitorde locaties een wekelijkse afdruk van de verkeersintensiteit afgeleid en kunnen we duidelijk zien welke maatregelen één voor één zijn genomen, bijvoorbeeld de winkels en restaurants die op dat moment hun deuren sloten. Deze wekelijkse afdrukken zijn zeer interessant omdat ze een soort blueprint bieden voor het volume van absoluut onvermijdelijk verkeer in Brussel. De duidelijke overeenkomst tussen de opeenvolgende weken van lockdown geeft aan dat de burgers in Brussel de maatregelen even goed als in het begin blijven volgen en dat er geen versoepeling kan worden waargenomen.

Verkeersvolume naargelang van de activiteiten

De verzamelde gegevens strekken zich uit over een periode die drie onderscheiden verkeerssituaties bestrijkt: 1) normale situatie, met andere woorden de reguliere werk- en schoolweken; 2) krokusverlof, met andere woorden de voorjaarsvakantie; 3) lockdown-weken, met andere woorden de periode van activiteitbeperkingen als gevolg van Covid-19-maatregelen.

Aan de hand van een vergelijking van de kenmerkende afdrukken kan het verkeersvolume in afzonderlijke intensiteiten worden opgesplitst die aan verschillende activiteiten zijn gekoppeld. Zo toont de Troontunnel bijvoorbeeld zowel een toename als een afname van het verkeer tijdens het krokusverlof, in vergelijking met de reguliere weken. Interessanter wordt het wanneer men de verkeersdrukte tijdens de lockdown-periode aftrekt van de overeenkomstige verkeersdrukte tijdens de verlofweek. Beide afdrukken vatten de verkeersvolumes samen waarbij geen rekening wordt gehouden met het verkeer van en naar school. In de verlofweek merkt men echter nog steeds veel recreatief verkeer met betrekking tot schoolgaande kinderen, wat niet het geval is voor de lockdown-weken. Bovendien wordt tijdens de verlofweek ook het verkeer vastgelegd van mensen die zijn overgestapt op telewerken of technisch werkloos zijn tijdens de lockdown, alsook voor niet-essentiële activiteiten (bijv. non-food shopping, restaurantbezoeken en evenementen).

Doel van deze analyse is illustreren dat we als gevolg van de unieke beperkingen in het kader van Covid-19, de kenmerkende afdruk van normaal verkeer in verschillende subcategorieën kunnen opsplitsen.

Gaat een meerderheid van de telewerkers meestal met de fiets naar het werk?

Net als voor het autoverkeer, hebben we een wekelijkse afdruk van de intensiteit van het fietsverkeer afgeleid; we hebben immers ook toegang tot de gegevens over de fietstellingen van de stad Brussel. Uit deze afdrukken blijkt dat de intensiteit van het fietsverkeer tijdens de lockdown-weken is toegenomen; verrassend is dat niet, aangezien wandelen en fietsen zowat de enige toegestane buitenactiviteiten zijn.

Andere interessante bevinding: voor een van de gemonitorde locaties, met name de Koolmijnkaai, zijn de duidelijke ochtend- en avondspitsen, die normaliter vooral het woon-werkverkeer uitmaken, tijdens de lockdown-weken volledig verdwenen. Dit roept uiteraard de vraag op of de meeste fietsers tijdens de lockdown op telewerken zijn overgestapt.

Is overdreven snelheid te wijten aan te veel verkeer?

Een andere interessante maatregel voor het bestuderen van het verkeer in Brussel is de snelheid. Voor 55 locaties werd het relatieve verschil in de gemiddelde snelheid tijdens de lockdown ten opzichte van de normale periode gemeten. Aangezien het verkeer in Brussel bijzonder verzadigd is, zou men kunnen verwachten dat voor veel locaties de gemiddelde snelheid sinds het begin van de Covid-19-beperkingen is toegenomen. Op een reguliere werkdag zit de Troontunnel vaak muurvast en is het nauwelijks mogelijk aan de maximumsnelheid van 50 km/uur te rijden. Een interessante bevinding is dat, hoewel het verkeersvolume tijdens de ochtend- en avondspitsen tijdens de lockdown met slechts 21% is gedaald, de gemiddelde snelheid tot het wettelijk toegestane maximum is toegenomen. Dit wijst er dus op dat een bescheiden vermindering van het verkeersvolume al voldoende is om een vlotte verkeersstroom mogelijk te maken.

Opmerkelijk is ook dat de mensen tijdens de lockdown-weken de wettelijke snelheidslimieten veel beter lijken na te leven. In de Georges Henri-tunnel geldt bijvoorbeeld een maximumsnelheid van 50 km/uur, wat in normale tijden zelden wordt nageleefd: de gemiddelde snelheid schommelt daar overdag rond de 70 km/uur. Tijdens de lockdown-weken daalde de gemiddelde snelheid echter tot de maximaal toegestane 50 km/u. Hetzelfde fenomeen kan ook in het weekend voor beide genoemde locaties worden waargenomen.

Volgens ons zijn er twee mogelijke verklaringen voor dit fenomeen. Ofwel zijn de bestuurders minder gestrest omdat het verkeer minder hectisch is, er bijna geen files zijn en de mensen niet gehaast zijn om ergens op tijd aan te komen, ofwel rijden de bestuurders die doorgaans de snelheidslimieten overschrijden, niet in Brussel rond tijdens de lockdown. Of is het een mix van beide…?

De volgende stap

De vijf essentiële conclusies die uit de data-analyse kunnen worden getrokken, waren enkel mogelijk omwille van de lockdown.

De Covid-19-maatregelen zullen in de komende weken/maanden geleidelijk aan door de regering worden afgeschaft. Het zal interessant zijn om te zien hoe snel de bevolking hierop zal reageren en of we naar de oorspronkelijke verkeerspatronen zullen terugkeren.

Het volledige artikel kunt u hier lezen (in het Engels).