OWI-Lab klimaatkamer test ook off-highway voertuigen

Het OWI-Lab en zijn klimaatkamer zijn als R&D-initiatief in de eerste plaats bedoeld om innovatieprojecten in de sector van de offshore windenergie te ondersteunen. Via investeringen in open test- en monitoringinstallaties kan het de betrouwbaarheid van windturbineparken op zee helpen verhogen, maar hier hoeft het niet bij te blijven: ook andere sectoren hebben voordeel bij testen onder extreme omstandigheden.

De klimaatkamer, die ingebed is in het OWI-Lab, wordt voornamelijk gebruikt om grote en zware windturbinecomponenten (zoals tandwielkasten en transformatoren) te testen onder extreme temperaturen. Daarom is de kamer ontworpen met enkele unieke kenmerken, zoals zijn grote afmetingen (10,6 m x 7 m x 8 m), extreem temperatuurbereik (-60 °C tot +60 °C), +300 ton aan gewichtscapaciteit en de mogelijkheid 250 kW aan hitte te compenseren bij -20 °C. Deze eigenschappen zorgen ervoor dat de klimaatkamer ook kan gebruikt worden om grote off-highway voertuigen te testen, zoals kiepwagens, graafmachines, maar ook toestellen voor defensie en lucht- en ruimtevaart.

Ook deze voertuigen en toestellen moeten in staat zijn te starten en operatief te zijn onder extreme temperaturen, gaande van -40 °C tot zelfs -60 °C zoals mogelijk is in Noord-Siberië, het binnenland van Mongolië en Canada, en van +45 °C tot +55 °C in woestijngebieden zoals India, Australië en het Midden Oosten. Deze extreme vereisten kunnen alleen gegarandeerd worden via extreme testen en uitvoerige validatiemethodologieën. De beschikbaarheid van een zeer grote klimaatkamer die massieve gewichten, grote afmetingen en een breed temperatuursbereik aankan, is essentieel voor deze industrie. Typisch te testen aspecten voor dit type zwaar materieel en dito voertuigen zijn koude starts, verwarmings- en koelsystemen, hydraulische functies, ruitontdooisystemen, controle op barsten en lekken in afsluitingen, validatie en performantie onder vriesomstandigheden.

Het OWI-Lab en zijn klimaatkamer maken beide deel uit van Sirris.