Komst Industrie 4.0 in West-Vlaanderen druk bijgewoond

Op 3 maart vond de feestelijke opening plaats van de achtste Sirris-vestiging in de gebouwen van UGent, campus Kortrijk. De focus zal er liggen op flexibele automatisering van assemblage, om concrete technologieapplicaties, onder meer in het kader van Factories of the Future en Industrie 4.0, beschikbaar te maken voor de machinebouw- en mechatronicabedrijven in West-Vlaanderen en daarbuiten.

Zo'n 300 geïnteresseerden uit de provincie en van ver daarbuiten zakten af naar Kortrijk voor de opening. Met haar nieuwe vestiging vlakbij het expertisecentrum rond industriële automatisering van de Campus Kortrijk van UGent en The Level van Howest zal Sirris voortaan ook in de nabijheid van de West-Vlaamse ondernemingen actief zijn. In zijn welkomstwoord op de druk bijgewoonde opening, legde Herman Derache, algemeen directeur van Sirris, uit wat dit betekent: "Met onze nieuwe vestiging willen we de kmo's in West-Vlaanderen meenemen in de beweging naar Industrie 4.0. De vestiging bevindt zich in het hart van het dichte kmo-netwerk rond mechatronica, én dichtbij de onderzoekspartners. Ze beschikt over de nodige kantoorruimte en labo's, met onder meer een demoruimte voor flexibele productieautomatisering.”

Panelgesprek geeft duiding

Tijdens het event vond een panelgesprek plaats over het plan voor de machinebouw en mechatronica in West-Vlaanderen, dat ontwikkeld werd in opdracht van Sirris en de POM West-Vlaanderen, met als deelnemers uit de bedrijfswereld en onderzoeksinstellingen Paul Snauwaert (CNH), Geert Ostyn (Picanol), Charles Beauduin (Van de Wiele), Rik Van de Walle (UGent), Koenraad De Backere (KU Leuven), Herman Derache (Sirris) en Jos Pinte (Fabrieken voor de toekomst Machinebouw & Mechatronica).

Concreet werd ingegaan op het waarom, wat en hoe van het initiatief. De vertegenwoordigers uit de industrie zagen alvast het belang van het initiatief met een focus op mechanica en mechatronica. De grote bedrijven zijn hier immers trekkers van het initiatief en zullen zo de kmo's meetrekken. Ook de locatie lijkt evident: meer dan 40 procent van de machinebouw en mechatronica-industrie bevindt zich in West-Vlaanderen, tegenover minder dan 10 procent van het huidige onderzoek en de technologische dienstverlening in dat domein. Het was dus hoog tijd dat hier verandering in kwam. Voor de deelnemende universiteiten die eveneens zwaar investeren in dit project, is vooral de lokale opleiding van meer ingenieurs van belang, naast de transfer van bestaande activiteiten naar West-Vlaanderen.

Wat de bedrijven mogen verwachten? Volgens Jos Pinte brengt het initiatief een antwoord op de trend naar digitalisering van de maakindustrie die samengaat met het concept van Industrie 4.0. De ambities op langere termijn omvatten de praktische uitbouw van zes thema's rond de twee belangrijkste centrumsteden in West-Vlaanderen binnen één geïntegreerd plan. Dit met de drie betrokken kennisinstellingen Howest, UGent en KU Leuven, telkens met Sirris als partner. Alle projecten die hieruit voortvloeien, zullen vraag gestuurd zijn vanuit de bedrijven.

Ten slotte kwam de toegevoegde waarde van de verschillende betrokken partners aan bod. Naast het evidente belang van een nauwe samenwerking tussen kenniscentra en bedrijven zal men kunnen rekenen op openheid, wat in de praktijk neerkomt op een transfer van kennis naar de industrie toe. Die openheid zal zich verder kunnen uitbreiden naar heel Vlaanderen en België, wat zal zorgen voor een complementair en versterkend effect tegenover andere initiatieven.

Om succes te verzekeren, rekent het project op een jong en dynamisch team en op een actieve deelname van de bedrijven, die ook van hun kant zullen moeten investeren om maximaal nut te halen uit het initiatief. De sleutelwoorden zijn ‘samenwerking’ en ‘focus’.

Applicatielab als onderdeel van groots project

Nadat twee toonaangevende West-Vlaamse bedrijven, Daikin en Fomeco, kwamen getuigen over wat een fabriek van de toekomst voor hen inhoudt, stelde Bart Verlinden van Sirris de plannen voor die we hebben met onze nieuwe site en hij gaf uitleg bij de infrastructuur. Naast kantoren en labo's, is er immers een heus applicatielab met demoruimte ingericht, waar bedrijven productieautomatisering in de praktijk kunnen zien en uitproberen.

Ook Jean de Bethune van POM West-Vlaanderen ging hierop verder in zijn slotwoord, waar hij in het bijzonder Jos Pinte bedankte voor zijn werk bij het opzetten van het plan voor West-Vlaanderen.

Drie productiecellen in actie 

Ten slotte konden de aanwezigen kennis maken met de nieuwe infrastructuur van de nieuwe vestiging, waarin collaboratieve robots en digitale tools centraal staan. Ze konden in groepjes deelnemen aan een rondleiding in de demoruimte, waar in drie productiecellen verschillende opstellingen van een productieomgeving waren gepresenteerd. In de eerste cel werd het potentieel gedemonstreerd van mobiele technologieën zoals smart glasses in productie, in dit geval voor order-picking. Een AGV (automated guided vehicle) bracht de geselecteerde onderdelen naar een tweede cel, waar collaboratieve robots toonden hoe de samenwerking met een menselijke operator in robot-ondersteunde assemblage kan verlopen. Tot slot bracht de AGV het geassembleerde product naar de laatste cel, waar een operator via technologie ondersteund werd in zijn manuele taken bij de kwaliteitscontrole.  

Bekijk het videoverslag: